oudere vaders: vaker bipolaire kinderen?

In Zweden is een groot onderzoek gedaan bij een gigantische hoeveelheid mensen. Bij iedereen die tussen 1973 en 2001 werd geboren, werd gekeken of er een relatie was tussen de leeftijd van de vader en latere ziektes van de kinderen.

mannenUiteindelijk ging het om ruim 2,5 miljoen mensen. De leeftijd van de vader werd gekoppeld aan verschillende grote databestanden.

Het volgende resultaat werd gevonden met betrekking tot de bipolaire stoornis. Een vader, die ouder is dan 45 jaar, heeft een bijna 25 keer grotere kans een kind te krijgen met een bipolaire stoornis dan een vader met een leeftijd tussen 20 en 24 jaar.

Men denkt dat er bij oudere mannen vaker kleine genetische veranderingen optreden in de vorming van sperma. Dit kan uiteindelijk tot stoornissen bij de kinderen leiden.

lithium meter

Op een van mijn vorige berichten werd gereageerd. Men vroeg zich af hoe het staat met de lithium-meter. Al langer geleden heb ik daar iets over bericht: http://www.deltamania.nl/de-lithium-meter-een-nieuwe-methode/

Ik heb er de laatste tijd geen nieuws over vernomen. Bij mijn weten is deze nog niet beschikbaar voor algemeen gebruik.vingerprik
Als hij beschikbaar komt, verwacht ik overigens niet dat het voor alle lithiumgebruikers even nuttig is. Ook zal het te prijzig zijn om voor iedereen aan te schaffen. Op dit moment wordt vooral gedacht aan grote poliklinieken die 1 of 2 apparaten tot hun beschikking hebben. Een zwangere patiënt of iemand met snel wisselende lithiumspiegels kan hem dan tijdelijk gebruiken.

lithium bij jongeren

Op een groot Amerikaans congres over kinder- en jeugdpsychiatrie zijn 2 onderzoeken naar lithium bij jongeren gepresenteerd. De eerste liet zien dat lithium bij kinderen tussen 7 en 17 jaar oud veel beter een manie bestrijdt dan placebo. Er heerst wat twijfel of lithium ook bij jongeren goed werkt. Deze studie wijst daar in ieder geval wel op. Of ook in Nederland lithium regelmatig bij jongeren wordt voorgeschreven, weet ik eigenlijk niet.

lithium schemaIn een tweede onderzoek werd lithium gegeven aan bipolaire kinderen met een gemiddelde leeftijd van 14 jaar. Op scans werd een toename gezien van de witte stof in de hersenen. De witte stof geeft vooral aan hoeveel verbindingen er zijn tussen hersencellen. Het is al langer bekend dat lithium hersenweefsel kan doen groeien en versterken. Nu blijkt dat een brein dat in ontwikkeling is, ook profijt kan hebben van lithium.
Dit is nu niet direct een reden om jongeren allemaal lithium voor te schrijven, maar het verschaft in ieder geval weer wat kennis over de werking van lithium en de oorzaak van de bipolaire stoornis.

opnieuw: het belang van zorgvuldige controle van lithium

Nog niet zo lang geleden heb ik zelf een artikel gepubliceerd over de nare gevolgen van onzorgvuldig lithium gebruik. Ik heb daar eerder een bericht over geschreven: (http://www.deltamania.nl/lithium-alleen-verantwoord-met-zorgvuldige-controle/).

nierenZonet is een interessant artikel gepubliceerd. Uit een analyse van honderden patiënten die meer dan 10 jaar lithium gebruikten, bleek dat de werking van de nieren duidelijk achteruit gaat als de lithiumspiegel een keer boven 1.0 mmol/l komt.

Dit zijn natuurlijk gemiddelden. Niet altijd is een waarde boven 1,0 direct schadelijk. Toch pleit dit opnieuw voor zorgvuldige controles bij lithium gebruik. De lithium spiegel en ook bijvoorbeeld de nierfunctie moet regelmatig worden gecontroleerd.
(bron: Kirkham et al., BMJ Open, nov. 2104)

nieuw alternatief voor lithium?

Lithium is nog altijd het medicijn van eerste keus bij de bipolaire stoornis. Lithium heeft ook een aantal risico’s en bijwerkingen. Het zou mooi zijn als een medicijn wordt ontwikkeld dat hetzelfde effect heeft, maar zonder de nadelen. Daarvoor is het belangrijk te weten hoe lithium nu precies werkt. Dat is echter nog altijd niet geheel duidelijk. Misschien grijpt lithium aan op de stof inositol en is dat belangrijk voor de werking. lab

Er bestaat een groot bestand met medicijnen waarvoor nog geen aandoening is gevonden. Dit zijn middelen die een duidelijk effect hebben op bepaalde mechanismen, maar het is nog niet duidelijk voor welke ziekte dit kan helpen.

Ebselen is zo’n middel. Dit heeft vooral een beschermende werking, zo lijkt het, tegen (oxidatieve) schade aan bijvoorbeeld zenuwcellen. Dit gebeurt via een invloed op enzymen, genen, anti-oxidantie en immuunreacties. Het heeft dus waarschijnlijk een heel brede werking en het wordt dan ook onderzocht bij hartziekten, arthritis, herseninfarcten en bijvoorbeeld kanker. Door de brede werking heeft het waarschijnlijk ook risico’s.muis2

Ebselen is nu heel voorzichtig onderzocht als alternatief voor lithium, omdat het ook een invloed heeft op inositol. Bij muizen had Ebselen een zelfde effect als lithium. Werd aan die muizen inositol gegeven, dan werd dat effect teniet gedaan.

Een interessante ontwikkeling! Maar let op: het is dus alleen nog maar aan enkele muizen gegeven. Nog ver van gebruik bij mensen dus. Bovendien is maar de vraag of dit medicijn geheel zonder bijwerkingen zal zijn. Dat lijkt mij nogal sterk.
(bron: Singh et al., Nat Comm 2013;4:1332)

Hoeveel slaap is genoeg?

Al vele malen heb ik benadrukt dat een goede nachtrust, een vast ritme, van groot belang is voor de bipolaire patient. Zie ook: http://www.deltamania.nl/7-tips-voor-een-betere-slaap/ en bijvoorbeeld: http://www.deltamania.nl/slaap-een-belangrijk-fenomeen-voor-de-bipolaire-patient/.

Maar hoeveel slaap heeft een mens nodig?
Dit hangt met verschillende factoren samen, maar leeftijd is de belangrijkste. Grofweg heeft een schoolgaand kind 9 tot 11 uur nodig en een volwassene 7 tot 8 uur. Andere factoren die hiermee samenhangen zijn: zwangerschap (zeker in het begin heb je meer slaap nodig), eerder slaaptekort (na meerdere nachten slecht slapen, heb je meer slaap nodig) en de slaapkwaliteit (word je bijvoorbeeld vaak onderbroken in de slaap).

Sommige mensen zeggen dat ze zich fit voelen na maar enkele uurtjes slaap. Uit onderzoek blijkt echter dat mensen die altijd zo weinig slapen toch minder goed functioneren bij complexe taken.

Woman Sleeping

asenapine voor de oudere bipolaire patient

In deze tijden van vergrijzing zien we ook steeds meer ouderen met een bipolaire stoornis. Helaas is maar weinig onderzoek gedaan naar deze specifieke groep patiënten.

Onlangs is een heel kleine studie naar het middel ‘asenapine’ gepubliceerd. Een gering aantal bipolaire patiënten, ouder dan 60 jaar, die eerder maar matig reageerden op andere medicijnen, kregen dit middel. Gekeken werd of dit medicijn goed werd verdragen en of het in het algemeen iets beter ging na gebruik van asenapine.

Een groep van 15 personen met een gemiddelde leeftijd van 69 jaar deed mee. oudVier patiënten haakten eerder af. De bijwerkingen vielen erg mee (vooral maag-darmklachten). Het merendeel voelde zich in het algemeen iets beter en scoorden ook beter op een manie en op een depressie meetschaal. Al met al een bemoedigend resultaat.

Asenapine is een nieuw anti-psychose medicijn, dat in Nederland nog niet op de markt is. Dit is natuurlijk maar een heel globaal, verkennend onderzoek en zegt maar weinig over de uiteindelijke bruikbaarheid. Het is in ieder geval al te prijzen dat nu eens specifiek naar de ouderen met een bipolaire stoornis is gekeken. Dat is dringend gewenst.

We blijven nieuwe ontwikkelingen natuurlijk in de gaten houden!
(bron: Sajatovic et al., Int J Geriatr Psych, 2014)oudnieuw

beroemdheden met een bipolaire stoornis: Sinead O’Connor?

In 1990 stond opeens een tot dan onbekende zangeres wekenlang op nummer 1 in de hitparade. Sinéad O’Connor brak door met het nummer ‘Nothing Compares to You’, geschreven door Prince. Behalve dat het een prachtig nummer was, op indrukwekkende wijze gezongen, viel de zangeres ook op vanwege haar kaalgeschoren hoofd en het langzaam naar beneden glijden van een traan over haar wang in de videoclip.

sineadIn de jaren daarna had zij nog enkele hits, waaronder ‘Troy’, maar steeds meer kwam zij in de publiciteit om geheel andere redenen. Zij deed allerlei controversiele uitspraken, verscheurde tijdens een concert een foto van de Paus en zij werd tot priester gewijd. Langzamerhand ging het er op lijken dat zij een psychiatrisch probleem had.

In 2007 vertelde zij zelf in de show van Oprah Winfrey dat artsen 4 jaar daarvoor de diagnose bipolaire stoornis bij haar hadden gesteld. Zij gebruikte verschillende medicijnen om wat stabieler te worden.

Nog maar kort geleden heeft zij echter in een interview met Ruby Wax verklaard dat zij onterecht voor ‘bipolair’ is versleten. Zij vindt dat zij jarenlang medicijnen geslikt heeft, die op geen enkele manier hebben geholpen tegen vooral haar depressieve klachten en tot overmaat van ramp is zij van die medicijnen ook nog flink aangekomen. Haar psychische klachten verklaart zij nu geheel door haar traumatisch verlopen jeugd, waarin zij verwaarloosd en mishandeld is door haar ouders en in kostscholen onder leiding van strenge nonnen is opgegroeid.

Ik ken Sinéad O’Connor natuurlijk niet. Ik kan dus weinig zinnigs zeggen over haar diagnose. Het illustreert wel weer hoe moeilijk het soms is de juiste diagnose te stellen. Eerder heb ik al geschreven over de overlap met verschillende andere aandoeningen (http://www.deltamania.nl/bipolaire-stoornis-en-overlap-met-andere-aandoeningen/).  Ik kan mij voorstellen dat zij weliswaar de ene periode somber is en dan weer impulsief en wispelturig, maar dat deze stemmingswisselingen inderdaad niet met een bipolaire stoornis te maken hebben.sinead2

 

vitamine D en (bipolaire) depressie

Vitamine D is de laatste tijd in verband gebracht met depressie. Heeft het nu zin om vitamine D te slikken?

Vitamine D wordt in de huid aangemaakt als er zonlicht op valt. Ook zit vitamine D in bijvoorbeeld vette vis en zuivel. Vitamine D is vooral belangrijk om sterke botten te houden. Waarschijnlijk speelt het ook een rol bij het functioneren van de hersenen.

Als je een tekort aan vitamine D hebt, kan bijvoorbeeld botontkalking ontstaan. Nog niet zo lang geleden zijn enkele onderzoeken gedaan, waaruit blijkt dat mensen met een depressie vaak een vitamine D-tekort hebben.

Dit speelt vooral bij ouderen. Op latere leeftijd is het moeilijker om in de huid vitamine D aan te maken en ook wordt minder opgenomen in de darmen. Als je dan ook nog niet zo vaak buiten komt, is het risico op een tekort groter. Bij een grote groep ouderen is gevonden dat mensen met een depressie een gemiddeld lager vitamine-D gehalte hadden dan mensen zonder depressie.
Niet geheel duidelijk is of dit  vaak een oorzaak is van depressieve klachten. Het is ook mogelijk dat mensen met een depressie bijvoorbeeld minder vaak buiten komen en daardoor een tekort aan vitamine D oplopen.

Hoe zit dat bij de bipolaire stoornis? Waarschijnlijk niet heel anders dan bij de ‘gewone’ depressie. Heel onlangs is een klein onderzoek gedaan, waaruit bleek dat kinderen en jongeren met een manie ook lagere vitamine D-gehalten hadden. Sterker nog, vitamine D tabletten verminderden de manische symptomen weer.

Hoe dit nu precies werkt, is niet duidelijk. Toch lijkt het best zinvol – zeker bij ouderen - om af en toe vitamine D in het bloed te bepalen. Bij een tekort kan dit vrij  gemakkelijk aangevuld worden.

Het kan waarschijnlijk ook niet veel kwaad om het preventief te slikken, maar wanneer je gewoon gezond eet en af en toe buitenkomt, zou je voldoende vitamine D moeten aanmaken. Meestal wordt bij volwassenen een dosis van 10 microgram per dag aanbevolen.

 

bronnen: http://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/vitamine-d.aspx, http://bipolarnews.org/?p=1589, Stalpers-Konijnenburg et al., Tijdschrift voor Psychiatrie 53 (2011) en Hoogendijk et al., Arch Gen Psych, 2008.

 

zelfmanagement

Met medicijnen kan de stemming vaak verbeteren. Ook kan terugval naar een manie of depressie voorkomen worden met bepaalde medicijnen.zelfmanagement

Naast het gebruik van medicijnen zijn er nog verschillende hulpmiddelen om de kans op een terugval danig te verkleinen. Met deze hulpmiddelen gaat de patient zelf aan de slag. De verschillende methoden tesamen noemen we ‘zelfmanagement’.

Bij de bipolaire stoornis is dit bijvoorbeeld het vergroten van kennis. Her en der in het land worden zogenaamde psychoeducatie-cursussen georganiseerd. In een aantal sessies leer je daar erg veel over de aandoening en wat je eraan kan doen.
Ook het opstellen van een life-chart is een vorm van zelfmanagement. Hiermee houd je enige tijd bij hoe je stemming verloopt en welke factoren van invloed zijn op je stemming. Een ander veelgebruikt instrument is het signaleringsplan. Hiermee breng je zorgvuldig in kaart in welke omstandigheden het risico op een terugval het grootst is, wat de eerste signalen zijn dat je manisch of depressief dreigt te worden en wat je dan kan doen.